Monsieur Ibrahim: Opvoeding, Identiteit en Wijsheid in Éric-Emmanuel Schmitts Werk
Dit werk is geverifieerd door onze docent: 15.01.2026 om 15:22
Soort opdracht: Opstel
Toegevoegd: 15.01.2026 om 14:46

Samenvatting:
In 'Monsieur Ibrahim et les fleurs du Coran' vindt de eenzame Momo dankzij Ibrahim vriendschap, wijsheid en zichzelf. Een pleidooi voor verbinding en begrip.
Monsieur Ibrahim et les fleurs du Coran door Éric-Emmanuel Schmitt: Een jongeman op weg naar volwassenheid en wijsheid
1. Inleiding
‘Monsieur Ibrahim et les fleurs du Coran’ is een bijzonder en veelvuldig gelezen werk van de Franse schrijver Éric-Emmanuel Schmitt. Schmitt is in Nederland geen onbekende: zijn boeken, zoals ‘Oscar et la dame rose’ en ‘La part de l’autre’, worden op menige middelbare school gelezen wegens hun toegankelijke stijl en diepgaande thema’s. Zijn schrijverstijl kenmerkt zich door een filosofische inslag en het vermogen om grote thema’s tastbaar te maken via eenvoudige verhalen. In dit boek volgen we Momo, een Joodse jongen die opgroeit in de Parijse wijk Rue Bleue, verwaarloosd door een depressieve vader en op zoek naar liefde, warmte en erkenning.Het verhaal is niet enkel een portret van opgroeien in een grootstedelijke omgeving, maar ook een reflectie op thema’s als volwassenwording, culturele vervreemding, religie, eenzaamheid en hoop. Deze thema’s zijn niet alleen universeel, maar sluiten ook nauw aan bij de multiculturele werkelijkheid van veel scholen in de grote Nederlandse steden, waar jongeren opgroeien tussen verschillende identiteiten en (voor-)oordelen.
Mijn centrale stelling is dat ‘Monsieur Ibrahim et les fleurs du Coran’ in de bijzondere relatie tussen Momo en zijn buurman Ibrahim een ontroerend en wijs portret schetst van de groei van een kwetsbare jongen tot een volwassen, begripvolle jongeman. Door thema’s als liefde, vertrouwen en interculturele vriendschap raakt het boek aan de essentie van mens-zijn: de zoektocht naar verbinding en zingeving.
---
2. Korte inhoudsopgave van het verhaal (Contextualisering)
De hoofdpersoon van het boek, Momo, is een jongen van ongeveer dertien jaar oud, die samen met zijn vader leeft in een sfeer van koude afstandelijkheid. Zijn vader, van huis uit jurist, slaagt er niet in zijn zoon nabijheid of vertrouwen te schenken. De moeder is afwezig, Momo weet enkel dat zij ‘weg’ is. Momo is eenzaam, zoekend en ontwikkelt een eigenzinnige overlevingsstrategie waarbij hij glijdt tussen stalen en sparen, liegen en verlangen naar bevestiging.In de Rue Bleue is Monsieur Ibrahim, een oudere Arabische kruidenier, de enige volwassene die echte aandacht voor hem heeft. Ibrahim’s winkel, herkenbaar aan de geur van specerijen en zijn immer aanwezige glimlach, vormt een tegenwicht tegen de koude stilte thuis. De kennismaking ontstaat aanvankelijk uit noodzaak, omdat Momo stiekem uit de winkel steelt, en mondt uiteindelijk uit in wederzijds respect en een ongebruikelijke maar hechte vriendschap. Ibrahim wordt voor Momo niet enkel een vaderfiguur, maar ook een mentor.
Het boek volgt Momo’s eerste volwassen ervaringen: zijn vervoering bij het ontdekken van liefde en seks, het omgaan met schuldgevoelens, zijn heimelijke pogingen om het gezin draaiende te houden, tot aan de uiteindelijke reis met Ibrahim—een tocht naar het Oosten, waarover ik de details in het midden laat. Al deze gebeurtenissen dragen bij aan de ontwikkeling van Momo, die dankzij Ibrahim’s wijsheid tot groei en verzoening komt.
---
3. Analyse per hoofdthema
3.1. Thema: Opvoeding, armoede en eenzaamheid
Momo leeft in armoede, niet alleen op materieel vlak maar vooral emotioneel. Zijn vader is streng, afstandelijk en overdraagt zijn eigen mislukking en teleurstelling op de jongen. De metafoor van de spaarpot—het beroemde varken waarin Momo’s bescheiden zakgeld terechtkomt—stelt zowel materiële bescheidenheid voor als de emotionele geslotenheid binnen het gezin. Het geld mag – net als gevoelens – niet vrijelijk stromen, alles moet bewaard, beveiligd, gecontroleerd worden.Momo’s opvoeding is eenzaamheid troef: zijn appartement wordt omschreven als donker, koud en leeg, een plek bij uitstek zonder liefde. Wanneer hij onterecht beschuldigd wordt door zijn vader van diefstal, internaliseert hij dit onrecht en denkt hij dat hij ‘slecht’ is. Dit gevoel van falen en ongewenst zijn vormt zijn zelfbeeld. Schmitt weet dit pijnlijke maar herkenbare gegeven treffend te verbeelden met kleine details, vergelijkbaar met hoe Arnon Grunberg in de Nederlandse literatuur (denk aan ‘Tirza’) eenzaamheid en onmacht beschrijft. Momo’s karakter en zijn handelen zijn onlosmakelijk verbonden aan zijn miserabele thuissituatie.
3.2. Thema: De kennismaking met volwassenheid
Een indringende scène in het boek is het moment waarop Momo, onder druk van zijn omgeving en uit nieuwsgierigheid, besluit zijn maagdelijkheid te verliezen. Hij bezoekt prostituees met het gespaarde geld en ervaart daar behalve curiositeit vooral schaamte en twijfel. De ‘overgang’ naar volwassen zijn is geen heroïsche overwinning, maar een stuntelende, ongemakkelijke gebeurtenis. Het vergeten cadeautje, bedoeld als dank, onderstreept Momo’s onzekerheid: zijn kinderlijke naïviteit steekt af tegenover de volwassen verwachtingen. Het pluche beertje dat hij als cadeau kiest is hierin bijzonder symbolisch, het vertegenwoordigt zijn verlangen naar geborgenheid, zijn kind-zijn dat hij nog niet wil loslaten. In de Nederlandse jeugdliteratuur wordt deze ambivalentie bijvoorbeeld raak getroffen in ‘Kees de jongen’ van Theo Thijssen: ook daar vindt een onzekere overgang van jongensdromen naar volwassen realiteit plaats.3.3. Thema: Monsieur Ibrahim als mentor en symbool van wijsheid
Monsieur Ibrahim is de sleutel tot Momo’s transformatie. Als oudere Arabier en kruidenier zit hij letterlijk en figuurlijk aan het kruispunt van culturen: een moslim in een Joodse straat, met klanten van allerlei komaf. Zijn winkel is een plek van rust, begrip en humor temidden van de chaotische stad. Zijn filosofische benadering van het leven (‘Langzaam glimlachen, dat is de kunst van het gelukkig zijn’) werkt aanstekelijk. Waar Momo’s vader veroordelend en nukkig is, is Ibrahim relativerend en begripvol. Ibrahim’s benadering maakt hem niet alleen tot een vaderfiguur, maar belangrijker nog: tot een mentor die Momo leert het leven anders te bekijken en zichzelf te accepteren. Dit principe van een wijze vreemde als “brug” zien we ook in de Nederlandse literatuur, bijvoorbeeld bij de figuur van Oom Sjolem in Marga Minco’s verhalen: een buitenstaander die warmte en inzicht brengt.3.4. Thema: Racisme en vooroordelen
Racisme en (zelf)vooroordeel worden in het boek subtiel maar scherp aangestipt. Momo rechtvaardigt zijn diefstal uit de winkel for zichzelf met de rationalisatie dat Ibrahim ‘maar een Arabier’ is, alsof diens winkelschatten minder waardevol zijn. Het wordt echter spoedig duidelijk dat Ibrahim dit allang doorheeft; hij confronteert Momo niet met verwijten, maar met begrip. Op deze manier laat het boek zien hoe culturele misverstanden, pijnlijke stereotypen en vooroordelen tussen mensen kunnen staan—maar ook hoe deze overwonnen kunnen worden als er sprake is van echte interesse en oprechte empathie. In het Nederland van nu, waar talloze debatten over ‘de multiculturele samenleving’ en integratie plaatsvinden, is dit aspect van Schmitts boek allesbehalve ouderwets.3.5. Thema: Cultuur en spiritualiteit
Een bijzonder motief in het boek is spiritualiteit, niet als dogma, maar als bron van schoonheid en verwondering. Ibrahim noemt de schoonheid van zijn religie, de islam, de ‘bloemen van de Koran’. Dit beeld staat voor openheid, vreugde en wijsheid, geen rigide wetten of verplichtingen. De gouden maan, die meerdere keren terugkeert in het verhaal, symboliseert mystiek, droom en transformatie. Ibrahim leert Momo om achter de uiterlijke verschillen van religie te kijken, en de universele boodschap te vinden: dat liefde, mildheid en nieuwsgierigheid de ware essentie van religie zijn. Dit raakt aan hoe in het Nederlandse onderwijs over levensbeschouwing op school gesproken wordt: pluralistisch, onderzoekend, ruimte biedend voor persoonlijke invulling.---
4. Belangrijke beelden en symboliek
Het spaarvarken is een krachtig symbool voor de beperking en afgeslotenheid van Momo’s jeugd. Geld zit opgesloten, gevoelens worden niet gedeeld. Het pluche beertje, het eerste cadeautje voor de prostituee, staat voor de kinderlijke onschuld die niet zomaar losgelaten wordt. Monsieur Ibrahim zelf fungeert als brug: hij overbrugt niet alleen Joods-Arabische verschillen, maar ook generaties en levensstijlen. De gouden maan symboliseert hoop en vernieuwing, zoals de maan steeds opnieuw verschijnt. Dit soort symboliek maakt het boek rijk en toegankelijk tegelijk, vergelijkbaar met hoe Bart Moeyaert in zijn boeken symbolen inzet voor menselijke groei en onvervuld verlangen.---
5. Schrijfstijl en verteltechniek
Éric-Emmanuel Schmitt kiest voor het perspectief van Momo, waardoor het verhaal intiem en persoonlijk blijft. De toon is eenvoudig, soms kinderlijk, maar nooit oppervlakkig. Momo kijkt terug op zijn jeugd, met de wijsheid van ouder worden, zonder sentimenteel te worden. Schmitt gebruikt veel humor en milde ironie, zodat zware thema’s beheersbaar blijven. Beschrijvingen van Parijs zijn levendig en bezield (‘de geur van het oosten in de Rue Bleue’), waarmee de wijk meer wordt dan enkel achtergrond: het vormt een karakter op zichzelf. De vertelstijl, met korte hoofdstukken en snelle dialogen, zorgt voor een vlot leesbaar verhaal dat toch verdieping biedt. Zinnen als “Il y avait deux sortes de gens: ceux qui fument des Gitanes, et les autres” illustreren de speelse maar scherpe stijl.---
6. Persoonlijke reflectie / interpretatie
Het verhaal maakt diepe indruk. Als lezer voel je met Momo mee: zijn eenzaamheid, twijfel, verlangen naar erkenning zijn universeel. De manier waarop Monsieur Ibrahim hem opneemt, zonder oordeel, maar altijd met een warme glimlach, toont hoe belangrijk échte aandacht is voor kinderen op de rand van de samenleving. Zelf heb ik, als scholier in een diverse stad, regelmatig vriendschappen over culturele grenzen heen zien ontstaan, waarbij juist kleine gebaren van begrip het verschil maken. Het boek leert dat volwassen worden niet alleen draait om ouder worden of seksuele ‘overgangen’, maar vooral om het vinden van richting, betekenis en verbinding—ook als je omgeving daarvoor weinig kansen lijkt te bieden. In een tijd van polarisatie is het thema van interculturele vriendschap actueler dan ooit.---
7. Conclusie
‘Monsieur Ibrahim et les fleurs du Coran’ is veel meer dan een coming-of-age verhaal. Schmitt overstijgt het persoonlijke leed van Momo en gunt de lezer een blik op wat groeit als mensen écht naar elkaar omkijken. Moeilijke thuissituaties, eenzaamheid en armoede vormen het startpunt, maar het verhaal eindigt in groei, wijsheid en hoop. De bijzondere rol van Monsieur Ibrahim als mentor en brug tussen culturen maakt het boek tot een pleidooi voor begrip, verdraagzaamheid en menselijke nabijheid. Lezers worden uitgedaagd om eigen vooroordelen te herkennen en vriendschap te zoeken dwars door culturele barrières heen. Wie het boek leest, neemt mee dat een klein gebaar of een luisterend oor een mensenleven kan veranderen.---
8. Praktische schrijftips voor het essay
Begin altijd met een heldere topiczin per alinea, zodat duidelijk is wat je punt is. Geef bij analyses concrete voorbeelden uit het boek—citaten zijn sterk, maar zorg dat ze goed passen in je betoog. Gebruik verbindingswoorden als ‘daarnaast’, ‘daardoor’ en ‘ten slotte’ om je tekst soepel te laten verlopen. Houd de stijl informeel genoeg voor persoonlijke reflectie, maar voldoende zakelijk voor een literatuuranalyse. Check tot slot altijd op spelling, grammatica en een consistente tijdsprong. Denk er ook aan om onbekende Franse woorden op te zoeken en te vertalen, zodat je alle nuances begrijpt. Bespreek je interpretatie gerust met klasgenoten of familie—vaak levert dat nieuwe inzichten op.---
Tot slot: Monsieur Ibrahim et les fleurs du Coran laat zien dat volwassen worden draait om begrip, vertrouwen en de moed om echte connecties aan te gaan. In een tijd waarin verschillen vaak benadrukt worden, pleit Schmitt met zijn vertelling juist voor zachtheid, nieuwsgierigheid en openheid. Een boodschap die, in de klas én daarbuiten, tijdloos en onmisbaar blijkt.
Beoordeel:
Log in om het werk te beoordelen.
Inloggen