Analyse

Oorlog en opgroeien: vriendschap en identiteit in 'Oorlog in de klas'

approveDit werk is geverifieerd door onze docent: 7.02.2026 om 17:41

Soort opdracht: Analyse

Oorlog en opgroeien: vriendschap en identiteit in 'Oorlog in de klas'

Samenvatting:

Ontdek hoe oorlog vriendschap en identiteit beïnvloedt in ‘Oorlog in de klas’ van Theo Engelen en leer over de impact op opgroeiende jongeren 📚

De impact van oorlog op vriendschap en identiteit in ‘Oorlog in de klas’ van Theo Engelen

Inleiding

Theo Engelen brengt in zijn jeugdroman ‘Oorlog in de klas’ op indringende wijze de ervaringen van kinderen tijdens de Tweede Wereldoorlog in beeld. Het verhaal, dat zich afspeelt tegen de achtergrond van het Brabantse Vught tussen 1939 en 1942, schetst niet alleen de historische gruwelen van de oorlog, maar vooral de gevolgen ervan op het dagelijkse leven, de vriendschap en de identiteitsvorming van jongeren. In een tijd waarin familieloyaliteit, morele dilemma’s en politieke verdeeldheid plotsklaps op de voorgrond treden, raken onschuldige vriendschappen verweven met de duistere realiteit van antisemitisme en onderdrukking.

Het belang van dit thema reikt verder dan pure geschiedschrijving; de vraag hoe oorlog het leven van opgroeiende kinderen beïnvloedt en blijvende littekens nalaat, is nog steeds actueel. Zo biedt het boek meer dan alleen een historisch inkijkje; het nodigt uit tot reflectie over hedendaagse maatschappelijke thema’s zoals polarisatie, discriminatie en de belevingswereld van jonge oorlogsslachtoffers. Dit essay onderzoekt hoe de oorlog in Engelens verhaal niet alleen de buitenwereld, maar juist de binnenwereld van kinderen ontwortelt. Door te kijken naar de opbouw en ontwrichting van vriendschappen en de zoektocht naar identiteit in tijden van crisis, laat het boek zien hoe diep de impact van oorlog kan zijn, zelfs op de allerkleinsten.

Historische context en setting als fundament van het verhaal

Om de persoonlijke en emotionele lijnen in ‘Oorlog in de klas’ te begrijpen, is het essentieel om de tijdsperiode en de setting te plaatsen binnen de complexe realiteit van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De roman begint in de jaren net voor de Duitse bezetting, een periode waarin in Nederland gevoelens van onrust en onzekerheid de boventoon voeren. De politieke verdeeldheid, met onder andere de stijgende populariteit van de NSB (Nationaal-Socialistische Beweging), heeft grote gevolgen voor gezinnen en buurten. Na de Duitse inval in mei 1940 verandert het dorpsleven in Vught ingrijpend; plotsklaps wordt de intimiteit van het gezin en de klas overstemd door repressieve maatregelen, angst en collaboratie.

Scholen werden in deze periode niet alleen een plaats van kennisoverdracht, maar ook van overlevingsstrategieën. Leraren moesten omgaan met het opleggen van Duitse propaganda, terwijl ze aan kinderen probeerden uit te leggen waarom klasgenoten plots niet meer mochten meedoen vanwege hun Joodse afkomst. In een onderzoek naar de rol van het onderwijs in de oorlog (zie o.a. Jacques Presser in ‘Ondergang’) blijkt hoe scholen soms de brug vormden tussen bescherming en verraad.

Vught zelf had een bijzonder tragische rol. Waar het aanvankelijk een relatief rustige plaats was, werd het na de bouw van concentratiekamp Herzogenbusch (Kamp Vught) in 1943 een symbool van de verschrikkingen van de bezetting. In de roman is die dreiging voortdurend aanwezig op de achtergrond; kinderlijke vrijheid en onschuld zijn nergens meer vanzelfsprekend.

Vriendschap onder druk: Lex, Roos, Peter en Simon

Aan het begin van het verhaal schetst Engelen een hechte vriendengroep: Lex, Peter, Roos en Simon. Ze delen hun interesses, bouwen samen een hut en lijken zich nauwelijks bewust van religieuze of sociale verschillen. Hun vriendschap illustreert de onschuld van het kind-zijn – een staat van zijn waarin politieke scheidslijnen en maatschappelijke vooroordelen geen rol lijken te spelen. In deze ongedwongenheid echoot het werk van Annie M.G. Schmidt, die ook vaak de kinderlijke vrijheid bezong als contrast met de starre volwassenwereld.

Maar naarmate de oorlog doordringt in het dagelijks leven, sijpelt de onderlinge verdeeldheid ook door in de groep. Lex’ vader, overtuigd NSB’er, vormt een dreigend moreel baken: zijn politieke overtuigingen kleuren de sociale omgeving van zijn zoon. Dit resulteert in verwarring en pijn, zoals wanneer Lex klem komt te zitten tussen zijn loyaliteit aan zijn vrienden en de druk van zijn familie.

Religie en afkomst, die eerst irrelevant leken, worden scherpe grenzen. Door de invoering van de Jodenster wordt Roos, en in zekere zin ook Simon, onmiddellijk als buitenstaander zichtbaar gemaakt. Vriendschappen worden op de proef gesteld: de vraag wie je echt kunt vertrouwen hangt als een schaduw boven elke interactie. Lex’ innerlijke strijd en schuldgevoel krijgen een tragisch dieptepunt wanneer hij bewust keuzes moet maken die het leven van zijn vrienden kunnen beïnvloeden.

Het is opvallend dat Engelen de vriendschap niet enkel als slachtoffer van de omstandigheden neerzet, maar ook als bron van weerstand en hoop. De verboden briefjes, onderling gedeelde geheimen en het beschermen van Simon door Peter en zijn moeder tonen aan dat solidariteit ondanks alles mogelijk is.

Familie en identiteit: verlies, verraad en moed

De familie van Lex is exemplarisch voor de morele verscheurdheid van de tijd. De grilligheid van NSB-sympathieën binnen gezinnen is schrijnend; waar zijn vader compromisloos de Duitse kant kiest, ontwikkelt Lex’ moeder een kritische houding. Deze polarisatie werkt door in Lex’ eigen identiteit. Enerzijds voelt hij zich loyaal aan zijn ouders, anderzijds groeit het besef dat hun keuzes levensgevaarlijk zijn voor zijn vrienden.

Engelen laat zien hoe oorlog niet alleen tussen mensen, maar ook binnen gezinnen muren opwerpt. Lex’ angst dat zijn vader Roos en Simon wil verraden brengt hem in een onmogelijke positie – hij moet kiezen tussen loyaliteit aan zijn familie en het fatsoen dat hij tegenover zijn vrienden voelt. Het morele dilemma is vergelijkbaar met dat uit ‘Kind van de oorlog’ van Dineke Stam, waar kinderen worden opgevoed met ideologieën die haaks staan op hun geweten.

Voor joodse families nemen de angsten tastbare vormen aan. Het dragen van de Jodenster, de dreiging van deportatie en het uiteindelijk op de vlucht moeten slaan zijn gebeurtenissen die blijvend littekens achterlaten. Peter’s familie, die Simon onderduikt, neemt daarmee een groot persoonlijk risico, maar handelt uit diepgevoelde menselijkheid. Hierin herkennen we de morele moed zoals die in het echt door mensen als Miep Gies is getoond.

Symboliek en motieven in het verhaal

Engelen weeft subtiele symboliek door zijn verhaal om de veranderende belevingswereld van de kinderen te illustreren. De boomhut fungeert eerst als een paradijs van onschuld: een eigen universum waarin vriendschap heerst en oorlog buiten de deur blijft. Maar gaandeweg wordt de hut verlaten en verwaarloosd, een duidelijke metafoor voor het verlies van kinderlijke naïviteit.

Het nabijgelegen kamp Vught vormt een schaduw die steeds dreigender wordt. De treinen die eraan verbonden zijn, symboliseren het onafwendbare lot en fungeren als ijzingwekkende bevestiging van het verloren jeugdparadijs. Psychologisch werkt deze dreiging verlammend en beangstigend. De Jodenster, als uiterlijke markering van anders-zijn, vergroot gevoelens van uitsluiting en angst. Dit sluit aan bij het idee van ‘de andere’ zoals uitgewerkt door Selma Lagerlöf in haar boeken over oorlogskinderen.

Tenslotte zijn de stiekeme briefjes van Roos een lichtpunt in de duisternis, een teken dat hoop en verbondenheid kunnen opbloeien ondanks de uitzichtloosheid van de situatie.

Verwerking en reflectie: wat kan de lezer leren?

‘Oorlog in de klas’ maakt op indringende wijze duidelijk dat oorlog méér is dan ieder-voor-zich-overleving en militair geweld. Het boek ontleedt de subtiele maar vernietigende gevolgen van verdeeldheid, angst en propaganda voor menselijke relaties. Voor jongeren biedt het een belangrijke les: vriendschap, moed en eigen geweten overstijgen maatschappelijke druk, al vereist dat soms pijnlijk offers.

Het boek prikkelt tot kritisch nadenken over groepsdenken en indoctrinatie. De karakterontwikkeling van Lex toont hoe kinderen onder druk kunnen worden gezet om tegen hun eigen gevoel in te stemmen met dominante maatschappelijke opvattingen. Daarbij nodigt het boek uit tot empathie: door het verhaal vanuit verschillende perspectieven te vertellen, kunnen lezers zich identificeren met zowel daders als slachtoffers. Dit sluit naadloos aan bij moderne debatten rond nationale herdenking en het herbeleven van geschiedenis: verhalen als deze maken de abstracte tragedie van oorlog persoonlijk en invoelbaar.

Het nut van historische jeugdliteratuur als deze, sluit aan bij de visie van de Anne Frank Stichting dat herinnering aan de oorlog noodzakelijk is om nieuwe generaties gevoelig te maken voor de gevaren van uitsluiting en discriminatie. Ook vandaag zijn de lessen actueel – kijk alleen al naar de discussies over vluchtelingenkinderen en anti-semitisme.

Conclusie

Engelen’s ‘Oorlog in de klas’ biedt veel meer dan een terugblik op een donkere periode uit onze geschiedenis: het legt op microschaal bloot hoe grootschalig onrecht tot in de kleinste haarvaten doordringt, ook bij kinderen. Vriendschappen worden verscheurd, familierelaties komen onder druk en persoonlijke identiteit staat voortdurend onder vuur. De roman toont in detail hoe – zelfs te midden van rampspoed – hoop, moed en compassie kunnen ontstaan.

Door het perspectief van kinderen te centreren, laat het boek zien dat oorlog niet alleen het slagveld, maar vooral ook het innerlijk leven van jongeren voorgoed verandert. Deze inzichten zijn onontbeerlijk voor een volwassen omgang met ons verleden en onmisbaar voor een inclusieve samenleving in het heden. De dappere keuzes van Lex, Roos, Peter en Simon blijven inspireren – een pleidooi om de verhalen te blijven delen, want wie het verleden erkent, bouwt aan een rechtvaardiger toekomst.

Voorbeeldvragen

De antwoorden zijn opgesteld door onze docent

Wat is de hoofdboodschap van Oorlog en opgroeien in Oorlog in de klas?

De roman laat zien hoe oorlog vriendschappen tussen kinderen onder druk zet en hun identiteit vormt. Dit gebeurt tegen de achtergrond van onderdrukking, verdeeldheid en discriminatie tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Hoe beïnvloeden oorlog en opgroeien de vriendschap in Oorlog in de klas?

Oorlog zorgt voor angst, wantrouwen en morele dilemma's binnen de vriendengroep. De vriendschap wordt onder druk gezet door politieke verschillen en de dreiging van collaboratie.

Welke rol speelt identiteit in Oorlog en opgroeien volgens het boek Oorlog in de klas?

Identiteit wordt gevormd door familie, overtuigingen en de maatschappelijke situatie. Oorlog dwingt de kinderen tot moeilijke keuzes die hun zelfbeeld ingrijpend veranderen.

Wat is de historische context van Oorlog en opgroeien in Oorlog in de klas?

Het verhaal speelt zich af in Vught tijdens de Tweede Wereldoorlog. Duitse bezetting, NSB-invloed en de komst van Kamp Vught bepalen de sfeer van onzekerheid en angst.

Hoe worden vriendschap en identiteit vergeleken in Oorlog en opgroeien in Oorlog in de klas?

Vriendschap staat voor kinderlijke onschuld en saamhorigheid, terwijl identiteit gevormd wordt door keuzes en omstandigheden tijdens de oorlog. Beide raken door de oorlog ernstig ontwricht.

Schrijf een analyse voor mij

Beoordeel:

Log in om het werk te beoordelen.

Inloggen